WATERMOLEN

De watermolen van  Geenrode is gelegen te Meldert (Lummen) Grote Baan 4 en was de banmolen van de heerlijkheid Meldert. Ze werd voor de eerste maal vermeld in 1365 en lag aan de zwarte beek. In 1565 liet  de beruchte Jan van Lier, heer van Meldert, er enkele verbeteringen aan brengen. Het was trouwens zijn banmolen wat eigenlijk wilde zeggen dat de boeren verplicht waren om hun graan te laten vermalen in de watermolen.

In 1595 onder molenaar Jan REYNDERS bracht de molen nog 4 mudde boekweit op en 12 mudde rogge. In 1785 was er een huurderswissel. De nieuwe molenaar Willem DEGELING verving de heer Pierre LUTS. Eigenaar was nog steeds de heer van Meldert, toen de heer Maarten Jozef ARAZOLA-DE-ONATE.

In 1816 behoorde de molen nog steeds toe aan de adellijke familie ARRAZOLE D’ONATE . Het heerlijk systeem van de banmolen was ondertussen wel afgeschaft.

Op 28 november 1850 werd Henry SALLAETS uit Scherpenheuvel molenaar van de watermolen van Geenrode.  Later zou hij in Meldert dorp nog de windmolen laten bouwen op de Molenberg.

Op 28 januari 1853 werd Jean Louis DECEUSTER molenaar. Hij bleef dit tot 01 januari 1867 waarnaar hij naar Lummen verhuisde met zijn familie. Eigenaar was ondertussen de heer MULLENS.

De watermolen werd op donderdag 11 augustus 1859 openbaar verkocht in de herberg “de Pelikaan” in Herk-de-Stad.  Pierre Jean VREVEN werd de nieuwe eigenaar. De nieuwe molenaar werd Adrien VAN ELSEN (15 maart 1867) uit Zelem. Hij moest 600 frank huur per jaar betalen. Hij  hield het voor bekeken in 1868 en trok op 05 maart met familie naar Antwerpen.

Op 25 oktober 1870 werd de molen opnieuw verkocht voor 7830 krank aan de heer VREVEN uit Linkhout.

De laatste molenaar was Victor Porters die de molen in 1912 kocht. Eerder was zijn broer Charles nog uitbater geweest onder de heer VREVEN.

Zoals in de meeste molens werd een op stoom aangedreven motor toegevoegd, die later door mazout werd vervangen. Gedurende de tweede wereldoorlog werd alles elektrisch aangedreven.

De buitenkant werd thans grondig gerenoveerd door de huidige eigenaar, de heer Hermans (achterkleinzoon van Victor Porters).